August 26, 2015 admin

ST schrijver aan het woord: Saskia Lensink

ST schrijver aan het woord: Saskia Lensink

Onze schrijvers zijn vakmannen en –vrouwen. Ze publiceren bij gerenommeerde media en uitgeverijen en hebben één ding gemeen: ze zijn in staat om op karakteristieke wijze mensen te portretteren. Deze keer in de spotlight: Saskia Lensink. Een interview over haar rubriek Van Wieg tot Graf voor het AD, haar fascinatie met het verleden en waarom juist de verhalen over heel ‘gewone’ levens haar zo boeien.

Je stapte over van het onderwijs naar de journalistiek. Hoe kwam je tot dat besluit?

Als lerares in het basisonderwijs voelde ik me al aangetrokken tot verhalen. Daar wemelt het van in zo’n basisschool: denk aan de sprookjes- en kinderboeken, de rekenverhalen, de leeslessen, het voorlezen, de door de kinderen geschreven verhaaltjes. Bovendien brengt ieder kind een buitenschools leventje met zich mee waarin ouders, oma’s en opa’s en buurkinderen figureren. Daar kleven weer talloze niet-fictieve verhalen aan.Saskia Lensink_Story Terrace schrijver_Story Terrace_Wij schrijven jouw biografie

Op een gegeven moment begon ik met schrijven. Gewoon, omdat ik er zin in had. Als kind en tiener had ik heel veel geschreven, maar daarna was het er niet meer van gekomen. De behoefte om ‘dingen’ op papier te zetten was blijkbaar wel latent aanwezig en om de een of andere reden kwam dat nu naar boven. Ik experimenteerde wat met kinderverhalen en ging als vrijwilliger voor een wijkkrant schrijven. Daar had ik enorm veel plezier in. Daarom volgde ik een aantal journalistieke cursussen en na verloop van tijd kon ik als freelancer aan de slag bij het AD.

Uiteindelijk werd het te inspannend om én als onderwijzeres én als journalist te werken. Ik moest een keuze maken en heb de onderwijswereld achter me gelaten.

Welke aflevering uit jouw serie Van Wieg tot Graf voor het AD raakte je het meest?

In de rubriek ‘Van Wieg tot Graf’ kreeg ik als opdracht het optekenen van de levens van mensen die onlangs zijn overleden. En zo kwam ik opnieuw met verhalen in aanraking. Het blijft fascinerend om te zien dat iemand helemaal niet groots en meeslepend hoeft te leven om een bijzonder verhaal te hebben. Juist het kleine, het ogenschijnlijk onbeduidende kan heel ontroerend zijn.

Ik heb inmiddels zo’n honderd afleveringen voor deze rubriek geschreven. Een grote variatie aan mensen is de revue gepasseerd: een voetballer, een architect, een politiecommissaris, een cafébaas, een kinderarts, linkse en rechtse politici, oorlogsveteranen, musici, huismoeders en feministes. Allemaal kwamen ze uit Dordrecht of omgeving, want deze rubriek verschijnt in AD/De Dordtenaar.

Sommigen waren al oud toen ze overleden, anderen gingen veel te vroeg. Ik schrijf de verhalen op basis van een interview met de nabestaanden. Die gesprekken kunnen emotioneel zijn, zeker als er iemand te jong overlijdt. Het verhaal over een vrouw van net veertig, die aan ALS was overleden en twee jonge kinderen naliet heeft me bijvoorbeeld erg aangegrepen.

De verhalen zijn voor veel nabestaanden een monumentje ter herdenking aan hun geliefde en ik voel het als een eer dat ik dat voor ze mag maken.

Waar komt je fascinatie met ‘vroeger’ vandaan?

Laatst zag ik in het Onderwijsmuseum een verzameling sponsdoosjes. Schoolkinderen hadden vroeger een vochtig sponsje op hun lessenaar staan, waarmee ze hun lei schoonveegden. Soms stopten ze daar een erwt in, die ze tijdens de les zagen ontkiemen en uitgroeien tot een plantje. Kijk, dat is nou zo’n ‘klein’ verhaal: een onbeduidend kindervermaak dat voor ons, honderd jaar later, bijzonder is om te lezen.

Dat is precies waarom ik zo graag biografieën schrijf. Het belang van vastleggen, van bewaren en conserveren, is niet te overschatten. Spullen worden er genoeg bewaard en grote wereldgebeurtenissen komen allemaal wel in de geschiedenisboeken terecht. Maar hoe zit het de details? De kruimige aardappelen met jus van mijn oma? De scheur die een vijfjarig meisje in haar jurk kreeg, toen ze met haar ouders langs prikkeldraad rende tijdens de Duitse inval op 10 mei 1940? Die kleine dingen zitten in de hoofden van de mensen, maar verdwijnen op den duur als we ze niet opschrijven.

Kun je wat meer vertellen over je recent verschenen boek Dordrecht, Stad in Oorlogstijd?

Het boek Dordrecht, stad in oorlogstijd – herinneringen aan 40-45 schreef ik met collega-auteur Caty Groen en verscheen in mei van dit jaar, precies zeventig jaar na het einde van de Tweede Wereldoorlog. We interviewden ruim tachtig Dordtenaren over hun herinneringen aan die tijd.

Saskia Lensink_Story Terrace schrijver_Story Terrace_Wij schrijven jouw biografieVoor dit boek kon ik de verhalen uit eerste hand optekenen en dat was vrij nieuw voor me. Tijdens de interviews voor Van Wieg tot Graf hoor ik het verhaal immers altijd via de nabestaanden. Nu vertelden de mensen het mij zélf en kon ik doorvragen op de details. Hoe rook de kamer tijdens de oorlog? Hoe smaakte zo’n suikerbiet? Hoe voelde het om tijdens een bombardement onder de trap te kruipen?

Tijdens veel gesprekken kwam ook prachtig beeldmateriaal tevoorschijn. Foto’s, brieven, door de Nazi-censuur opengemaakte enveloppen, krantenknipsels, bonnenkaarten, pamfletten. Het meeste was nog nooit gepubliceerd en uiteraard hebben wij veel daarvan in het boek opgenomen. Het is dan ook een prachtige, geïllustreerde uitgave geworden.

Onlangs schreef je je eerste boek in opdracht van Story Terrace. Hoe heb je dat ervaren?

De Story Terrace-aanpak past helemaal in mijn straatje! Alles komt hierin samen: de levensverhalen, het uit eerste hand optekenen van herinneringen, de aandacht voor het ‘kleine’, het vastleggen van het verleden.

Ik heb het echtpaar voor wie het Story Boek geschreven is twee keer gedurende twee uur geïnterviewd. Tijdens het schrijven had ik soms aanvullende informatie nodig. Die vragen stelde ik via e-mail. Dat verliep prima. Het is een mooi proces om alle puzzelstukjes aan elkaar te leggen en zo een heel leven te zien ontstaan. Je dringt vrij diep tot iemands leven door en dat geeft best een verantwoordelijkheid, vind ik. Ik wilde alles zorgvuldig en integer vastleggen.

Ben je blij met het eindresultaat?

Dat ben ik zeker, maar belangrijker is de vraag: zijn de klanten tevreden? Want het is hún leven en hún boek. Het gaat om wat zíj bewaard willen hebben voor hun nazaten. Daarom is er tijdens het schrijfproces ook heel wat heen en weer gemaild. Ik heb begrepen dat het echtpaar erg tevreden is over de tekst. En dus ben ik dat ook.

Meer over Saskia: www.saskialensink.nl

__________________

Door Anne Brugts, content manager

Over ons: Story Terrace helpt klanten om samen met een professionele schrijver persoonlijke verhalen vast te leggen in prachtige boeken. Onze schrijvers hebben diverse achtergronden en interesses, maar delen één passie: het weergeven van personen aan de hand van beeldende anekdotes en levendige verhalen.

Voor meer informatie over het laten opschrijven van verhalen, stuur een e-mail naar info@ of neem contact op via ons contactformulier.