“Marieke wil spreekbuis zijn voor persoonlijke levensverhalen; mensen vrijuit laten vertellen over hun ervaringen, hun liefdes en werk, de pieken en de dalen, over drijfveren en levenslessen.” Marieke Streefkerk heeft Nederlandse taal en letterkunde gestudeerd. Na ruim vijftien jaar bij de omroep gewerkt te hebben is zij sinds 2002 freelancer interviewer voor verschillende media. De biografie die ze graag had willen schrijven is die van haar inmiddels overleden vader, de bescheidenheid in eigen persoon.

Wat ik zeggen wilde (de biografie die er nooit kwam)

“De oorlog, mijn vader sprak er liever niet over. En als ik dan eens de moed opvatte om dóór te vragen, dan benoemde hij alleen de schaarse lichtpuntjes. De keren dat er wel eten op tafel kwam, de meevallertjes, de saamhorigheid onder de buren in de Jozefstraat. Maar slechts uit de verhalen van mijn moeder, die ruim tien jaar jonger was dan hij, wist ik wat er zich echt bij hem thuis had afgespeeld.

Geen manmoedige verhalen zoals aan moeders kant, waar mijn opa, nota bene getrouwd met een Duitse vrouw, onderduikers verstopte in zijn schoenmakerij. Waar bij elk luchtalarm de mensen uit de Spoorstraat mochten komen schuilen in de overdekte brandgang naast zijn huis. De stoere, grappige opa die ik tot zijn 93e levensjaar mocht meemaken.

Over mijn andere opa, die van vaders kant, weet ik echter niets – hij is in het laatste oorlogsjaar, twintig jaar voor mijn geboorte, gestorven. Deze opa moest als postbode een gezin met vijf kinderen zien te onderhouden. Hij raakte ernstig verzwakt doordat hij het eten uit zijn mond spaarde om zijn gezin te voeden. Tot overmaat van ramp belandde mijn oma in het ziekenhuis met dysenterie en ook voor het leven van mijn vader, een nakomertje, werd gevreesd. Doordat alle zorg en aandacht uitging naar de twee officiële patiënten in het gezin, had niemand door hoe slecht mijn opa eraan toe was.

Toen hij uiteindelijk opgenomen werd in het noodhospitaal op de Westhaven, was hij al zo ziek dat de dokteren geen hoop op herstel meer hadden. Er was nauwelijks eten en drinken om hem te laten aansterken, laat staan geld voor medicijnen, en zelfs een duidelijke diagnose ontbrak.

Tegen de tijd dat mijn oma voldoende hersteld was om haar man te bezoeken, herkende hij haar al niet meer. Volkomen apathisch lag hij daar in een hoek van het geïmproviseerde ziekenzaaltje, dat eigenlijk meer een brede gang was zonder doorloop doordat de dubbele deuren aan het einde ervan geblokkeerd werden door veldbedden en ander meubilair.

Uitputting heette het en na een paar weken in die gang is hij zomaar zachtjes uit het leven weggegleden. En dat terwijl hij als kostwinner en vader van het gezin helemaal niet gemist kon worden! Zijn vrouw, mijn oma, was klein, tenger en ziekelijk. Ze had diabetes type 1, wat toen nog gewoon suikerziekte heette en potentieel dodelijk was, en ze kampte voortdurend met lelijke wonden op haar voeten en benen, die maar niet wilden genezen. Daarbij had ze vier zonen en een dochter om voor te zorgen, van wie de oudste drie in één klap volwassen werden. Zij gingen na de bevrijding niet terug naar school maar als de wiedeweerga werk zoeken, kostgeld afdragen en, voor diegenen die oud genoeg waren, trouwen om het huishouden te ontlasten. En zo bleef mijn vader alleen achter met zijn moedertje, voor wie hij, net zo hondstrouw als zijn eigen vader, tot haar dood is blijven zorgen.”

Wil je meer over ons te weten komen en wat we doen?

Neem contact op via ons contactformulier – we horen graag van u.

Neem contact op